Sprinkhanen

Sprinkhanen

Over het algemeen zijn sprinkhanen naast de krekels de meest gevoerde insecten onder de kameleonhouders. Er zijn 2 soorten sprinkhanen die je het meest in de handel tegenkomt als voedseldier namelijk de Locusta Migratoria en de Schistocera Gregaria, de eerste ook wel treksprinkhaan en de 2e woestijn sprinkhaan genoemd, uiteraard zijn er nog talloze andere sprinkhaansoorten, denk maar eens aan de bidsprinkhanen en bladsprinkhanen.

De Locusta Migratoria behoort tot de soorten die regelmatig een plaag vormen in Afrika. De grootste zwermen zijn meer dan 1000 km2 groot en bevatten miljarden sprinkhanen. Deze soort is ook het productiefst. Het vrouwtje wordt 6 cm groot, het mannetje 4 cm. Beide geslachten zijn lichtbruin met een donkerbruine tekening. De vleugels zijn donkerbruin gevlekt. Volwassen mannetjes worden na enkele weken steeds geler. Beide geslachten hebben lange vleugels en kunnen goed vliegen. De jonge dieren, nimfen genoemd, zijn oranjezwart.

De Schistocerca Gregaria is rozebruin met een donkerbruine tekening op lichaam en vleugels. Volwassen mannetjes worden gelig. Vrouwtjes worden tot 8 cm, mannetjes 6 cm. De ogen zijn verticaal gestreept. Beide geslachten kunnen goed vliegen. De nimfen zijn geel met zwart en groen. Beide soorten zijn bodem- en struikbewoners uit droge, warme klimaten. De Locusta Migratoria leeft in en rond de Sahel, tot in Azië en soms nog in Zuid-Europa. De Schistocerca Gregaria komt voor in het Sahelgebied, in Noord-Afrika tot in Midden-Azië.

Persoonlijk geef ik de voorkeur aan krekels boven het voeren van sprinkhanen, dit omdat een krekel toch makkelijker te houden is en deze ook zeer goed zijn te gutloaden, een sprinkhaan eet nl. hoofdzakelijk gras terwijl een krekel een compleet mengsel van zaden e.d. voorgeschoteld krijgt. Daarentegen maken sprinkhanen nauwelijks geluid en zijn bij ontsnapping niet gevaarlijk of vervelend. En zeker voor grotere kameleonsoorten zijn het flinkere voedseldieren. Het grote voordeel van sprinkhanen is dat ze niet lichtschuw zijn. Verdwijnen krekels, wasmotlarven of noem maar op, ogenblikkelijk onder een steen of iets dergelijks, sprinkhanen gaan direct in de zon of onder een lamp zitten, daar waar meestal de kameleons te vinden zijn. Maar zoals al zo vaak gezegd afwisseling is het beste voor je dier.

Het huisvesten van de sprinkhanen doe je als volgt: een verblijf van 60x60x50 cm is een geschikte maat zorg overdag gedurende 16 uur voor 32 tot 40°C middels een lamp en 's nachts voor 25-30°C, eventueel met een warmtemat of keramische lamp. De lange dag zorgt voor een hoge eiproductie. Wil je niet kweken en alleen de sprinkhanen houden als voederdieren dan dien je deze temperaturen ook aan te houden, bij lagere temperaturen werkt de spijsvertering niet en zullen de sprinkhanen al snel aan voedingswaarde verliezen en sterven. Zorg voor een lage luchtvochtigheid, bijvoorbeeld door ze in een gazen kooi te houden. Ventilatie is erg belangrijk. Uitwerpselen kunnen door een gazen (mazen 0.8 mm) of geperforeerde bodem vallen en elke dag worden verwijderd. Je kunt in de (curver)bak of het terrarium een stuk gaas plaatsen om een groter oppervlak te creëren, dit vermindert ook verstoring van vervellende sprinkhanen. Mocht je geen rooster kunnen plaatsen gebruik dan geen ander bodemsubstraat, zo is het makkelijker schoon te maken. Doe minimaal 10 tot 12 cm matig vochtige aarde, bijvoorbeeld een potgrond-zand mengsel, in een pot of bakje voor de eileg.

Deze sprinkhanen eten allerlei bladgroen, hooi en soms ook wel fruit. Meestal wordt vers, droog gras, hooi, tarwe, rogge of gerst gevoerd. Voer daarnaast tarwezemelen, In de winter kunnen tarwekiemen, riet, andijvie of paksoi gevoerd worden. Schistocerca Gregaria eet ook wel boerenkool. Besproei de terraria niet met water, maar geef een bakje met in suikerwater gedrenkt keukenpapier. Deze suiker voorkomt door verhoging van de bloedsuikerspiegel kannibalisme bij de dieren.

Vrouwtjes worden zoals gezegd groter dan de mannetjes. Reeds bij halfwas vrouwtjes is de legboor als een 'klepje' zichtbaar onder het uiteinde van het achterlijf, het mannetje heeft een enkele genitaalplaat. Mannetjes maken een zacht geluid door met hun poten langs hun lichaam te wrijven.

Wil je kweken begin dan minimaal met 10 tot 12 geslachtsrijpe paren. Geslachtsrijpe Schistocerca zijn geel. Bij Locusta zijn de geslachtsrijpe mannetjes geel en de vrouwtjes bruin. Als de dieren groen worden zijn we met te weinig paren begonnen. (Er bestaan namelijk twee vormen: de trekvorm en de niet-trekkende vorm, afhankelijk van de bevolkingsdichtheid. De groene vorm is weinig productief.) Een paring duurt enkele uren. De vrouwtjes zullen, als het goed is, spoedig hun eipakketten in het legbakje deponeren. De vrouwtjes steken hun hele achterlijf tot 12 cm diep in de grond en leggen een roze-wit, schuimig eipakket met daarin 40 tot 140 eitjes. Dit pakket zal na het leggen uitharden. Na een week vervang je het bakje door een nieuwe. Het beste is nu om het bakje, voorzien van een deksel, over te plaatsen in een schone bak of terrarium met een temperatuur van 34°C, uiteraard zonder gazen bodem. De eieren komen na circa elf dagen uit. Uiteraard verwijder je dan het deksel. Na drie tot vier weken zijn de dieren volwassen en vervolgens een tot twee weken later geslachtsrijp, ze zullen dan weer gaan leggen. Een volwassen sprinkhaan kan wel tot 2 maanden in leven blijven. Kleine sprinkhaantjes kunnen nog wel eens tegen glas lopen. De kleintjes zijn bij uitkomst 6 mm groot en zwart van kleur, welke dan spoedig verandert. Maak na iedere generatie de bak goed schoon.

Wat belangrijk is dat er vers bloed in de kweek wordt gebracht, sprinkhanen zijn over het algemeen erg inteelt gevoelig en op een gegeven moment houdt het gewoon op, eieren komen slecht of niet meer uit, zwakke nimfen of dieren die gewoon omvallen. Af en toe zul je dus nieuwe sprinkhanen aan de groep toe moeten voegen.

Auteur: Hans Stolk